Wet op de ondernemingsraden (WOR)


Artikel 48 1 De ondernemer op wie de verplichting tot het instellen van een ondernemingsraad rust, treft bij voorlopig reglement, voor zover nodig, de voorzieningen die tot de bevoegdheid van de ondernemingsraad behoren, totdat de ondernemingsraad zelf die bevoegdheid uitoefent. De vereniging of verenigingen van werknemers, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onder a, worden over het voorlopige reglement gehoord.
2 Ten aanzien van het voorlopige reglement is artikel 8, eerste lid, eerste en tweede volzin en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. Het voorlopige reglement vervalt op het tijdstip waarop de ondernemingsraad het in artikel 8 bedoelde reglement heeft vastgesteld.
3 De voorgaande leden zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de ondernemer of de ondernemers die een centrale ondernemingsraad of een groepsondernemingsraad hebben ingesteld.

Wijzigingen

Datum Betreft Bekendmaking Kamerdossier Memorie van toelichting
19-07-2013 wijziging Stb 2013 296 (pdf) 33367 MvT (web) MvT (pdf)
01-04-1990 wijziging Stb 1990 91 (pdf) 20583 MvT (pdf)
01-09-1979 wijziging Stb 1979 448 (pdf) 13954 MvT (pdf)
28-04-1976 wijziging Stb 1976 225 (pdf) 13054 MvT (pdf)
01-04-1971 nieuwe-regeling Stb 1971 54 (pdf) 10335 MvT (pdf)