Beginselenwet verpleging Ter beschikking gestelden (BVTG)


Artikel 16 1 Het hoofd van de instelling draagt zorg dat zo spoedig mogelijk en in ieder geval binnen drie maanden na binnenkomst van de verpleegde in de instelling, in overleg met hem, een verplegings- en behandelingsplan wordt vastgesteld. Hij wijst iedere verpleegde een persoonlijke verblijfsruimte toe en draagt zorg dat deze behoorlijk is ingericht. Onze Minister stelt regels omtrent de eisen waaraan een verblijfsruimte moet voldoen.
2 Het behandelingsplan, bedoeld in het eerste lid, is gericht op het zodanig wegnemen van het gevaar dat de psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap de verpleegde doet veroorzaken, dat de terbeschikkingstelling kan worden beƫindigd of voorwaardelijk kan worden beƫindigd. Zo mogelijk geschiedt dit door het behandelen van de stoornis. Indien dit niet mogelijk is, geschiedt dit door het anderszins wegnemen van het gevaar.
3 Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de eisen waaraan een verplegings- en behandelingsplan tenminste moet voldoen en de voorschriften die bij een wijziging daarvan in acht genomen moeten worden.
4 Alvorens het verplegings- en behandelingsplan wordt vastgesteld, wordt overleg gepleegd met:
a. de curator, indien de verpleegde onder curatele is gesteld;
b. de mentor, indien ten behoeve van de verpleegde een mentorschap is ingesteld;
c. de ouders of voogd, indien de verpleegde minderjarig is.

Wijzigingen

Datum Betreft Bekendmaking Kamerdossier Memorie van toelichting
01-01-2020 wijziging Stb 2018 37 (pdf) 32399 MvT (web) MvT (pdf)
01-01-2019 wijziging Stb 2018 38 (pdf) 32398 MvT (web) MvT (pdf)
01-07-2013 wijziging Stb 2012 410 (pdf) 32337 MvT (web) MvT (pdf)
01-01-1999 wijziging Stb 1998 430 (pdf) 24263 MvT (web) MvT (pdf)
01-10-1997 nieuwe-regeling Stb 1997 280 (pdf) 23445 MvT (pdf)